Havenstaking 1970

Op 15 juli 1970 werd met een stemmen meerderheid van 48 tegen 32 door de vertegenwoordigers van de Britse havenarbeiders besloten te staken tegen de afwijzing van hun gevraagde loonsverhoging van 11 pond per week. Hoewel er in de jaren daarvoor al kleinere stakingen hadden plaatsgevonden, zoals in 1965, was dit de eerste nationale havenstaking in Engeland sinds 1936 waarbij 47.000 havenarbeiders waren betrokken. Deze staking trof 75% van alle import en export van en naar Engeland. De enige weg om de goederen van Engeland naar het vaste land van Europa te vervoeren was door de lucht. Een indrukwekkende luchtbrug werd gevormd om de belangrijkste goederen over te brengen. Het was tevens de laatste keer dat alle nog beschikbare propliners, zoals DC-3, DC-4, DC-6, DC-7, Constellations, Bristol Freighter, C-46, Britannia's, Viscounts en Vanguards werden ingezet om dit mogelijk te maken. Alle vracht werd vanaf de Engelse velden overgevlogen naar de vliegvelden aan de overzijde van het Kanaal, waarbij de luchthavens Rotterdam, Oostende en Antwerpen volop werden benut. Hoewel de staking officieel op 3 augustus werd beeindigd, werd er nog tot 18 augustus doorgevlogen.
G-ASPM DC-4 Invicta Air Cargo was de eerste bezoeker tijdens de havenstaking 1970                 (Wim Zwakhals, Rotterdam. 23 juli 1970)
Voor Rotterdam startte de vluchten al twee dagen voor de officiele start op 13 juli 1970 toen de Invicta Air Cargo DC-4 G-ASPM om 11.26 uur landde met een 6 ton zware Rank Xerox rekenmachine. De kans op een staking was al voldoende om een aantal tijd gebonden levering van goederen door de lucht te vervoeren. Binnen een uur keerde de vrachtkist leeg terug naar de thuisbasis Manston.  Invicta Air Cargo was ontstaan in januari 1969 toen de passagiersdivisie van Invicta werd toegevoegd met British Midland Airways, waarbij de Viscount vloot werd samengevoegd en onder de naam BMA bleef doorvliegen. De drie overgebleven DC-4 Skymasters (G-ASEN, G-ASPM en G-ASPN) bleven verder als vrachtvliegtuig doorvliegen onder de nieuwe naam Invicta Air Cargo. De drie de exemplaren van de DC-4 vloot zouden de weken van de staking daarop hun opwachting maken tot de laatste dag van de luchtbrug waarbij de DC-4 G-ASPN op 18 augustus  om 11.00 uur binnen kwam en on 12.36 uur weer richting Manston vertrok. In totaal werden 26 vluchten tussen Manston en Rotterdam gemaakt. De drie Invicta vracht vieren bleven tot 1972 in gebruik en werden daarna vervangen door de modernere Vickers Vanguards.   
registratie
type
c/n
overgenomen van
datum
vertrokken naar
datum
bezoek aan 16hoven
G-ASEN
C-54A
10412
Invicta Airways
6/1969
ZS-IJI Africair Ltd.
1/2/1971
2x
G-ASPM
C-54B
10513
Invicta Airways
6/1060
ZS-IRK Africair Ltd
5/9/1972
10 x
G-ASPN
C-54A
10337
Invicta Airwaysd
6/1969
ZS-IRE Africair ltd.
9/1972
11x
Naast de DC-4´en van Invicta Air Cargo werden een flink aantal DC-3/C-47 Dakota's ingezet
G-AMFV DC-3 Fairflight                                                                                                              (Wim Zwakhals, Rotterdam, 7 augustus 1970)
Fairflight was een kleine chartermaatschappij welke met een DH-104 Dove vloog en net, op 5 juni 1970, de vloot had uitgebreid met een DC-3 Dakota G-AMFV (c/n 10105) afkomstig van Globe Air. De maatschappij werd direct ingeschakeld om vracht te vervoeren tussen Southend en Rotterdam en kwam voor de eerste keer aan op Rotterdam op 22 juli drie minuten voor twaalf, 'FV vloog anderhalf uur later om 01.33 uur terug naar Southend om op 04.49 uur weer met een nieuwe lading terug te keren, om 05.34 uur weer te vertrekken en voor de derde keer die ochtend om 09.12 uur weer aan te komen en om 09.57 uur weer te vertrekken. Met deze vluchten en de daarop volgende tien dagen werden in totaal 17 retourvluchten uitgevoerd waarbij in totaal 51.438 kg vracht werd ingevlogen en 4680 kg mee terug gevoerd. De naam Fairflight op de Dakota was daarbij van korte duur , op 8 oktober 1970 werd de Dakota G-AMFV verkocht aan Kestral Aviation. 
G-AMFV
C-47A Dakota
10105
Gibair
0/06/1970
Kestrel Aviation
8/10/1970
17 x                 

G-AMPZ  Dc-3 Rig-Air was voor het eerst te bewonderen tijdens de havenstaking 1970              (David Booster, Rotterdam, september 1970)
Een tweede DC-3 Dakota operator welke vracht tussen Southend en Rotterdam vloog was Rig-Air. Rig-Air werd in december 1969 de eigenaar van Douglas C-47B Dakota G-AMPZ  (c/n 32872) aangekocht van Field Aircraft Services, welke werd ingezet bij zowel passagiers als vrachtvluchten voor de olie- en gasindustrie in ontwikkeling op de Noordzee. De Dakota G-AMPZ was een van de eerste vrachtkisten welke werd ingehuurd om vracht vanuit Engeland naar het vaste land te vervoeren, waarbij de eerste vlucht werd uitgevoerd op 19 juli 1970 met de aankomst van de 'PZ om 09.15 uur om binnen veertig minuten weer richting Southend vertrok. Rig-Air maakte die dag nog een tweede vlucht waarbij de DC-3 Dakota om 14.06 uur op Rotterdam neerstreek en om 15.54 uur weer vertrok. De dag daarop werden wederom weer twee retourvluchten gemaakt. in de daarop volgende periode tussen 18 en 22 juli werd de G-AMPZ regelmatig ingezet en zou daarbij zes keer langskomen. De naam Rig-Air zou kort daarop verdwijnen. In augustus 1970 was dit een van de maatschappijen die werd samengevoegd tot de nieuwe maatschappij Air Anglia waarbij de DC-3 Dakota op 11 augustus 1970 op naam werd overgeschreven.
G-AMPZ
C-47B Dakota
16121/32872
Field Aircraft Services
08/12/1969
Air Anglia
11/08/1970
10x               

G-AMHJ DC-3 Dakota BUIA Freighter                                                                                                   (David Booster, Rotterdam, juli 1970)
De havenstaking 1970was tevens het laatste bezoek aan Zestienhoven van de vracht Dakota´s van British United Island Airways (BUIA). BUIA ontstond op 1 november 1968 na een fusie van drie maatschappijen, British United (Channel Airways), British United (Manx) en Morton Air Services, allen onderdelen van de Air Holdings Group. De vloot werd daarbij teruggebracht tot de HPR-7 Herald voor de passagiersdiensten en een viertal DC-3 Dakota´s  voor de vrachtvluchten. Voorzien van de opschriften van BUIA op de staart en de tekst Freighter op de romp werden de C-47 Dakota´s G-AMHJ, G-AMRA en G-AMSV ingezet op de luchtbrug. Dakota G-AMHJ beet de spits af en kwam op 15 juli om 11.50 uur aan voor een retourtje Gatwick, gevolgd door de G-AMRA diezelfde dag om 21.06 uur en daarna bleef night stoppen. De daarop volgende dagen waren deze vracht Dakota´s van BUIA in totaal elf maal te zien. Diezelfde maand werd de naam British United Island Airways gewijzigd in BIA (British Island Airways). De Dakota´s werden daarbij snel voorzien van het rode kleurenschema van BIA en zouden nog menig jaar dienst doen.
G-AMHJ
C-47A Dakota
13168
Morton Air Serv.
01/11/1968
British Island Airways
20/07/1970
6x       
G-AMRA
C-47B Dakota
15290/26735
Morton Air Serv.
01/11/1968
British Island Airways
20/07/1970
4x
G-AMSV
C-47B Dakota
16072-32830
Morton Air Serv.
01/11/1968
British Island Airways
20/07/1970
1x
Skyways Coach Air was geen onbekende op Zestienhoven, met zijn Dakota vloot werden in het eind van de zestiger jaren en begin zeventiger jaren vele charters uitgevoerd. Tijdens de havenstaking werd alleen met de C-47 Dakota G-AMWW een charter uitgevoerd. Op 16 juli werd in de vroege ochtend een retourtje London -Gatrwick gevlogen.
G-AMWW
C-47B Dakota
16262/33010
Emerald Aw EI-ARP
29/06/1967
Air Freight
01/09/1970
1x      
Tot slot van de bezoekende Dakota maatschappijen Keegan Aviation welke, net voor de staking, op 3 juli 1970 de C-47A Dakota G-AJRY van STC (Standard, Telephones & Cables) had overgenomen en voor TMAC (Transmeridian Air Cargo) op 21 juli 's avonds een retourvlucht Stansted uitvoerde.
G-AJRYC-47A Dakota
13331
STC
03/07/1970
ZS-PTG United Air Services
01/04/1971
1x    
Op het DC-6 front waren een aantal maatschappijen die een graantje meepikten. De DC-6A Freighter OD-AEG van TMA of Lebanon kwam eenmalig langs op 31 juli met vracht vanuit London-Heathrow om daarna richting Beirut te vertrekken. Een dag later, op 1 augustus, was het de DC-6B OY-STZ van Sterling Airways met een vrachtlading vanuit East Midlands. De kist kwam vier minuten voor middernacht binnen en vertrok de volgende ochtend naar Kopenhagen. Op woensdag 5 augustus was het de DC-6A D-ABAY van Transportflug welke eveneens van East Midlands aankwam, de hele middag op het veld aanwezig was om daarna naar Frankfurt te vertrekken.
OD-AEG
DC-6A/B
44688
ex N6121C 20th Century Aircraft
05/1962
N90688 Zantop International
04/1974
1x         
OY-STZ
DC-6B
43828
ex 13+01 Luftwaffe
05/06/1969
VR-HGW Oriental Pearl Airways
23/09/1972
1x
D-ABAY
DC-6A
44070
ex Germanair
04/1969
Elbeflug
25/05/1971
1x

TF-OAB DC-6A Fragtflug Iceland in het grijze kleurenschema                                                             (David Booster, Rotterdam, juli 1970) 
De meeste DC-6 vluchten werden uitgevoerd door Fragtflug Iceland. Fragtflug Iceland werd opgericht tijdens het Biafra conflict om voor het Rode Kruis hulpvluchten uit voeren. Om de toestellen op de Uli airstrip in het woud zo onzichtbaar mogelijk te maken, werden de beiden in gebruik zijnde DC-6'en voorzien van een donker grijs kleurenschema. Beiden waren DC-6B' s en dus niet voorzien van een vrachtdeur waardoor alleen kleine pakketten vervoerd konden worden. Het was de TF-OAA die voor Fragtflug tijdens de staking de spits af beet en op 19 augustus vanuit Leeds binnen kwam om de volgende dag weer naar dezelfde bestemming te vertrekken. De TF-OAB kwam een paar dagen later, op 25 juli, om 10.22 uur binnen vanuit Bazel en vertrok die dag eveneens richting Leeds om diezelfde avond weer terug te keren, ditmaal met vracht vanuit Manston. De volgende dag werd weer vertrokken naar Leeds en dit was tevens het laatste bezoek van 'OB aan Rotterdam. De TF-OAA kwam nog tweemaal langs, op de 28ste met een retour Leeds en drie dagen later met een retour Luton. De DC-6B TF-OAA zouden we in het begin van de jaren zeventig nog regelmatig terug zien.
TF-OAA
DC-6B
45060
ex JA6207 Boreas Corp.
01/05/1969
Iscargo Iceland
13/06/1973
1x          
TF-OAB
DC-6B
45067
ex PH-TRK Transavia Holland
05/1969
N14436 Boreas Corp.
23/05/1972
3x
VR-BCX DC-7C Arco Bermuda in de oude Sudflug kleuren                                                                                   (Wim Zwakhals, Rotterdam, 23 juli 1970)
Arco Bermuda bracht al een paar maanden eerder dat jaar met zijn vloot van DC-7's een bezoek aan Zestienhoven. De op Bazel gebaseerde maatschappij vloog met drie ex Sudflug DC-7C's welke intensief gebruik werden door Hank Warton met zijn North American Trading Company tijdens het Biafra conflict voor het brengen van wapens en hulpgoederen naar het belegerde Biafra en daarna ingeschreven werden in het register van Bermuda. De Britse havenstaking was een welkome aanvulling voor deze onafhankelijke vrachtmaatschappij. Van de drie zevens van Arco Bermuda was alleen de VR-BCT voorzien van een vrachtdeur en vrachtvloer en werden de andere twee toestellen (VR-BCX en VR-BCW) alleen gebruikt voor kleinere vracht (zoals dozen sigaretten) welke door de passagiersdeur naar binnen gebracht konden worden. Direct na het uitbreken van de havenstaking werd de DC-7CF VR-BCT vanaf 1 juli ingezet voor het vervoeren van Ford onderdelen tussen Liverpool en Saarbrucken. De VR-BCT zouden we op Rotterdam tijdens deze staking niet zien, wel de andere twee zevens, de VR-BCW en VR-BCX. De VR-BCX, nog voorzien van Sudflug kleuren (lichte met donker blauwe band over de romp) zou daarbij de meeste vluchten uitvoeren. Deze DC-7C werd op 16 juli van Bazel naar Rotterdam gevlogen waarbij het toestel om 22.30 uur landde en maakte een dag later de start met een vlucht naar Manston. Dit toestel zou tussen 16 en 30 juli negentien vluchten uitvoeren voornamelijk tussen Manston en Rotterdam. Zuster VR-BCW bracht vijfmaal een bezoek aan Rotterdam en wel op 24, 25 en 26 juli eveneens met vluchten op Manston waarbij dit toestel na zijn laatste binnenkomst vanuit Manston op 26 juli leeg naar de thuisbasis Bazel werd gevlogen. Het waren de laatste vluchten van deze maatschappij op Rotterdam. In november 1970 werden de overgebleven zevens overgeschreven op naam van de North American Trading Company, leased to Arco Bermuda en daarbij voorzien van Amerikaanse registratie, maar werden geen verder vluchten meer ondernomen.   
VR-BCW
DC-7C
45187
ex D-ABAC North American Trading Comp
01/1969
rr N9498
09/10/1970
19 x       
VR-BCX
DC-7C
45310
ex D-ABAK North American Trading Comp
01/1969
rr N9499
09/10/1970
5 x
De begin jaren zeventig waren de laatste jaren dat de Curtiss C-46 nog volop in de vrachtrol in Europa werd ingezet. op het gebied van vracht was de C-46 Commando superieur ten opzicht van de DC-3 Dakota. Met zijn grotere romp kon de C-46 tweemaal het volume van een Dakota meenemen met een 50% hoger laadvermogen. De Pratt & Whitney R.2800 Double Wasp motoren van 2100 pk zorgden daarbij wel voor een 50% hoger brandstof verbruik. De laatste Europese maatschappij welke met deze werkpaarden vloog was Fred Olsen Flyvelskap welke in 1958 drie exemplaren (LN-FOP, LN-FOR en LN-FOS) had aangekocht. Alle drie de toestellen waren begin jaren zeventig nog actief waarbij Fred Olsen in de zomer van 1970 zelfs een exemplaar op Rotterdam stationeerde voor het dagelijks vervoer van kranten naar Barcelona voor de Spaanse vakantiecentra. Twee C-46R Commando's (LN-FOR en LN-FOS) werden ingezet tijdens de havenstaking waarbij in de periode van 22 juli t/m 15 augustus in totaal 27 vluchten werden uitgevoerd. De LN-FOR startte daarbij tussen de dagelijkse vluchten naar Barcelona op 22 juli met een vlucht op Southend. De LN-FOS volgde op 30 juli met vracht vanuit Birmingham. In de genoemde periode werden vluchten uitgevoerd vanaf Southend, Manston, Stansted, Newcastle en Birmingham. In juni 1971 werd de Fred Olsen C-46 Commando vloot verkocht aan Continental Air Services in Laos. 
LN-FOR
C-46R Commando
30252
ex N9889F Boreas Corp.
18/11/1957
XW-PHM Continental Air Serv.
29/06/1071
15x      
LN-FOR

 
C-46R Commando
30257
ex N9888F Boreas Corp.
18/11/1957
XW-PHN Continantal Air Serv,
29/06/1971
12x

Welkome bezoeker tijdens de havenstaking was deze Amerikaanse C-46 commando N10623                             (Rotterdam, augustus 1970)
Welkome bezoeker op het einde van de luchtbrug was de Curtiss C-46A Commando N10623 (c/n 392). De ex SAM C-46 I-SILV  keerde in september 1969 terug in Europa na door Hank Warton gebruikt te zijn in de luchtbrug naar Biafra. Het toestel stond ingeschreven op naam van de North American Trading Company en vertrok op 31 oktober 1969 richting VS. Geheel onverwachts dook het toestel tijdens de havenstaking weer op in Europa en kwam op 4 augustus om 15.05 uur aan op Rotterdam met een lading vracht vanuit Lydd waarbij het landingsgeld werd betaald onder de naam van Worchester. Twee uur later werd weer koers gezet richting Lydd. De dagen daarop zou deze Curtis Commando nog 4 retourvluchten naar Lydd maken. Naast Rotterdam werd deze C-46 ook gezien op Oostende. De laatste vlucht vanaf Rotterdam was op 18 augustus en deze Amerikaanse C-46 keerde op 27 augustus terug naar de VS via Lydd - Prestwick - Keflavik.
N10623
C-46A Commando
392
Aaxico Sales
8/1969
Aircraft Modifications
19706 x    
In 1970 waren er nog slechts twee vracht L-1049G Super Constellations actief in Europa. Een van deze twee was de F-BRNH van Catair (c/n 4513). Deze Super Constellation zou slecht een enkele vrachtvlucht tijdens de staking naar Rotterdam uitvoeren. Het toestel kwam daarbij in de nacht van 4 augustus om 02.43 uur met vracht vanuit Manston aan en vertrok leeg om 08.23 uur weer richting Parijs-Orly.
F-BRNH
L-1049G Constellation
4513
ex F-BGND Air France
1/1970
wfu Pontoise
3/1971
1 x     
De laatste B-170 Super Freighter van British Air Ferries op Rotterdam was de G-ANVR.                  (Wim Zwakhals, Rotterdam, 28 juli 1970)
De staking was de laatste keer dat we de Bristol B-170 Super Freighter van British Air Ferries konden aanschouwen. BAF zou tot eind 1970/begin 1971 met de Bristol Super Freighters doorvliegen deels ingezet op de lijndienst naar Oostende, deels in het vracht charterwerk. Rotterdam werd daarbij volop bedient door de vloot van ATL-98 Carvairs welke door de vrachtstaking vol beladen op de lijndienst werden ingezet. Daarnaast maakte een van de Carvairs dagelijks nog een extra charter om de aanbod van vracht vanuit Southend te kunnen vervoeren. Bristol B.170 Mk.32 Super Freighter G-ANVR werd tijdens de havenstaking tweemaal naar Rotterdam ingezet. Zowel op 28 juli 's avonds als een dag later werd met deze Super Freighter een retourtje Souithend gevlogen.   
G-ANVR
B.170 Mk.32 Super Freighter
13251
British United Air Ferries
01/10/1967
Midland Air Cargo
02/03/1971
2x         
G-AOFW
ATL-98 Carvair
12/10351
British United Air Ferries
01/10/1967
wfu Southend & b/u
12/1983
4 x
G-APNH
ATL-98 Carvair
11/18333
British United Air Ferries
01/10/1967
w/o Southend
18/03/1971
14 x
G-ASDC
ATL-98 Carvair
7/10273
British United Air Ferries
01/10/1967
N80FA Falcon Airways
26/08/1979
14 x
G-ASHZ
ATL-98 Carvair
9/27249
British United Air Ferries
01/10/1967
N89FA Falcon Airways
01/06/1979
14 x
G-ASKN
ATL-98 Carvair
13/3058
British United Air Ferries
01/10/1967
TR-LWP
09/06/1976
15 x
G-AXAI
ATL-98 Carvair
17/18342
ex LX-IOF Interocean
02/04/1969
F-BVEF Secmafer
F-BRNH
16 x

De havenstaking betekend het einde van de bezoeken van de Britannia's van Britannia Airways. De maatschappij ging in 1970 over van de Bristol B-175 Britannia naar de Boeing B-737. Een van de laatst overgebleven B-175's van de maatschappij, de G-ANBL, kwam tijdens de staking langs en wel op 22 juli voor een retour Luton (in 18.27 uur, uit 23,53 uur). Deze B-175 Britannia series 102 was net teruggekomen van een verhuur aan Southern Cross International waarbij het Britannia embleem nog niet in de staart was teruggebracht. De G-ANBL zou enkele maanden later, op 18 november 1970, de laatste B-175 Britannia vlucht voor Britannia Airways uitvoeren.

G-ANBL
B-175 Britaniia srs 102
12912
BOAC
29/06/1965
wfu Luton
12/1970
 1 x    
Een tweede Britannia gebruiker was Donaldson. Donaldson kocht pas kort voor de staking, in mei 1970, een vracht B-170 Britannia series 312F (G-AOVF) aan welke eveneens werd ingezet om de gestrande goederen te vervoeren. Deze Britannia behoorde tot de voormalige British Eagle vloot en hoewel officieel na het faillissement van British Eagle weer in eigendom aan BOAC overgedragen, had het toestel al die tijd in opslag gestaan. Op 21april 1970 werd deze B-175 srs 312F voorzien van de kleuren van Donaldson en met de naam "Nike"in gebruik genomen. De 'VF werd in juli volop ingezet tijdens de havenstaking waarbij de meeste vluchten werden uitgevoerd vanaf Aldergrove en Liverpool. Op Rotterdam was de G-AOVF slechts eenmaal te zien en wel op 5 augustus met een binnenkomst om 12.07 uur vanuit Stansted. Om 17.40 uur werd weer vertrokken richting Gatwick. Een tweede Donaldson B-175 Britannnia welke werd ingezet was de G-AOVC, op 13 juli vloog deze Britannia een aantal vluchten tussen Belfast en Rotterdam. De 'VC kwam daarbij voor het eerste maal aan om 14.42 uur en vertrok om 18.20 uur weer richting Belfast. De volgende dag landde dit toestel weer om 00.29 uur om twee uur later weer te vertrekken en die dag om 12.12 uur voor de tweede maal vanuit Belfast binnen te komen en na het uitladen van de vracht om 15.15 uur richting Gatwick te vertrekken. De G-AOVC zou twee maanden later buiten gebruik worden gesteld. De G-AOVF vond in oktober 1971 een nieuwe eigenaar bij IAS
G-AOVC
B-175 Britannia srs 312
13231
British Eagle
20/05/1969
wfu Stansted
09/1970
3 x   
G-AOVF
B-175 Britannia srs 312F
13237
Brirish Eagle21/04/1970
IAS
31/10/1972
1x

N447T CL-44-O in de kleuren van Transmeridian Air Cargo tijdens zijn eerste bezoek aan Rotterdam          (Wim Zwakhals, Rotterdam, 27 juli 1970)
Tot de pure vrachtkisten die werden ingezet tijdens de luchtbrug behoorde de Canadair CL-44 met zijn laadvermogen van 29,5 ton tot de grootste vrachtkisten behoorde. Twee maatschappijen kwamen langs. TML(Transmeridian London) wijzigde met de komst van de Canadair CL-44's de naam in TMAC (Transmeridian Air Cargo). vanaf de thuisbasis Stansted werden de CL-44's, naast het reguliere werk, ingezet om de goederen over de Noordzee te vervoeren. Zowel de CL-44´s G-ATZI, G-AXAA  als G-AWWB zouden daarbij op Rotterdam te zien zijn. Net voor de start van de havenstaking werd op 8 juli de CL-44-O N447T `Skymomster` van Conroy Aircraft gehuurd. Deze volumineuze vrachtkist maakte zijn debuut op Rotterdam op 21 juli en zou daarop in de volgende weken zes maal te zien zijn.
G-ATZI
CL-44D4
25
ex N455T Flying Tiger Line
24/04/1970
HB-IEN Transvalair
20/03/1971
2x       
G-AWWB
CL-44D4
17
ex N448T Flying Tiger Line
31/12/1968
British Cargo Airlines
09/11/1979
2x
G-AXAA
CL-44
18
ex N449T Flying Tiger Line
02/1969
British Cargo Airlines
09/11/1979
2x
N447T
CL-44-O
16
Conroy Aircraft Comp.
lsd 8/07/1970
British Cargo Airlines
09/11/1979
7x
Een nieuwe CL-44 gebruiker was Cargolux welke op 4 maart 1970 onder de hoede van Loftleidir werd opgericht en vloog met o.a. de CL-44 TF-LLJ. Op dinsdag 28 juli kwam deze maatschappij eenmalig tijdens de staking ´s nachts langs, binnenkomend vanuit Stansted om 01.33 uur om daarna leeg om 04.40 uur richting Billund te vertrekken.
TF-LLJ
CL-44D4
20
Loftleidir
04/01/1970
OO-ELJ Young Cargo
04/03/75
1 x  
Pacific Western behoorde in het begin van de jaren zeventig tot de grootste luchtvaartmaatschappijen van Canada. Naast een uitvoerig lijndienstennet werd in 1969 gestart met een vrachtdivisie welke werd uitgerust met de L-100 Hercules met een laadvermogen van 20 ton. De eerste Hercules welke door Pacific Western werd aangeschaft was de CF-PWN, de voormalige 9J-RBW van Zambian Air Cargoes, eind 1969 gevolgd door een nieuw exemplaar de CF-PWX. Beide Herculessen werden ingezet tijdens de luchtbrug waarbij zes vluchten naar Rotterdam werden uitgevoerd. De L-100 Hercules CF-PWN verscheen al direct aan het begin, op 15 juli, met twee vluchten vanuit Manston. De nieuwe L-100 CF-PWX kwam tien dagen later, even over half twee ´nachts, binnen met vracht vanuit Gatwick en vertrok kwart voor zeven richting Gothenburg. Op maandag 27 juli was het de CF-PWN weer welke ´s avonds om 22.15 uur vanuit Manston aankwam, ´s nachts werd uitgeladen en de volgende ochtend om even over half twee weer richting Manston vertrok. Daarna kwam de CF-PWX nog twee maal langs (op 30 juli en 1 augustus) voor een retourtje Stansted.
CF-PWN
L-100-20
1129
ex 9J-RBW Zambian Air Cargoes
03/1969
J6-SLO St.Lucia Airways
15/10/1981
2 x    
CF-PWX
L-100-20
1361
ex N7982S Lockheed
16/12/1969
crashed Kinsangani, Zaire
21/11/1976
4 x

Nieuwkomer op Rotterdam was Air Viking welke met de Vanguard TF-AVA twee maal langs kwam        (David Booster, Rotterdam, juli 1970)
Een andere nieuwkomer tijdens deze luchtbrug was Air Viking. Deze maatschappij startte enkele weken daarvoor op 30 mei 1970 vakantievluchten vanuit IJsland naar Palma met een van Air Holdings gehuurde Vickers V.952 Vanguard TF-AVA (ex G-AXOY en CF-TKD). Nog voorzien van de kleuren van de vorige eigenaar Air Canada werd de maatschappijnaam op de romp aangebracht met embleem in de staart. Vanaf 21 juli werd deze Vanguard ingezet tijdens de havenstaking als vrachtkist met een aantal vluchten vluchten vanaf Stansted naar Brussel en twee naar Rotterdam. De V.952 Vanguard TF-AVA was daarbij voor de eerste maal te zien op 25 juli toen het toestel ´s nachts om even voor drie binnen kwam en om 12.20 uur weer richting Stansted vertrok. Op maandag 27 juli kwam de TF-AVA voor de tweede maal langs, binnenkomend vanuit Stansted om 04.06 uur om daar weer om 16.07 uur naar terug te keren. Het toestel vloog daarna door naar Keflavik om de volgende dag weer vakantiegangers naar Palma te brengen. Na het zomerseizoen was er te weinig werk voor het toestel met een grootte van en Vanguard waarna deze Vanguard op 5 november geretourneerd werd aan Air Holdings
TF-AVA
V.952 Vanguard
727
G-AXOY Air Holdings
20/05/1970
G-AXOY Air Holdings
05/11/1970
2 x   
In totaal 228 vluchten met heel veel tonnen cargo.
bron  archief Airnieuws
Wim Zwakhals, juni 2010