Air Condor

Begin jaren zestig kende Engeland een groot aantal kleine luchtvaartmaatschappijen. Een van deze maatschappijen was Air Condor met grote plannen, echter met een kort bestaan.
Bristol B.170 Freighter Mk.21 G-AHJD werd in april 1960 voor enkele maanden gehuurd van North South Airlines. Het toestel werd hier op Zestienhoven op fraaie wijze op de plaat gezet door Nico Terlouw.                                                                          (Nico Terlouw, Zestienhoven, 1960)
Air Condor werd in februari 1960 op Southend opgericht door Robert Short en Royston Lea. Zij namen de Bristol B.170 Freighter srs 1 G-AGPV over van Shortcut Aviation welke een maand daarvoor de activiteiten gestopt had. Deze Bristol Freighter was het eerste prototype en was daarbij niet voorzien van de openslaande deuren in de neus. Het toestel was daarbij beter uitgerust in de passagiers- dan om als vrachtkist gebruikt te worden. Deze B-170 G-AGPV kreeg een onderhoud op Southend en werd daarbij voorzien van de Air Condor opschriften op de romp. Op 21 maart 1960 werd het toestel in gebruik genomen en werd direct ingezet op vluchten tussen Southend en Rotterdam met groenten en bloemen. Naast vracht werd het toestel ook ingezet voor het vervoer van passagiers en zo werd op 2 april 1960 gevlogen vanaf London-Gatwick naar Parijs-Le Bourget. Het toestel werd intensief gebruikt zoals op 22 april 1960. De B-170 Freighter G-AGPV startte 's morgens met 46 passagiers vanaf Southend naar Rotterdam, op Rotterdam werden de stoelen aan de kant gezet en werd de terugvlucht gevlogen met groenten. Op Southend werd het toestel direct weer geladen met elektronische apparatuur en vertrok weer richting Rotterdam. Op Rotterdam werd het toestel nu volgeladen met textiel voor de terugvlucht. Op Southend aangekomen werden de stoelen weer aangebracht en met 46 passagiers taxiede de Bristol Freighter naar de baan. Tijdens de full power check draaide het toestel en raakte daarbij de draaiende prop van de Auster welk achter de Bristol Freighter voor vertrek te wachten stond. Hierbij werd naast de Auster ook de Bristol Freighter beschadigd, zodat snel naar een ander toestel uitgekeken moest worden om aan alle lopende contracten te kunnen voldoen. Direct werd Bristol B.170 Freighter Mk.21 G-AHJD gehuurd van North South Airlines, welke op 27 april 1960 in gebruik genomen werd met een vlucht op Rotterdam. De gaten in de romp van de beschadigde B.170 G-AGPV werden zo goed mogelijk gedicht waarna het toestel op 13 mei werd overgevlogen naar Hurn voor een grondige inspectie en reparatie.
Air Condor werd in de daaropvolgende maanden in het weekend ingezet voor Nort-South op de verbinding Exeter- Oostende als op passagiercharters vanaf Southend naar Bazel. In juni 1960 werd een contract getekend voor het uitvoeren van IT vluchten tussen Manchester en Oostende, twee tot vier keer per week. Om deze vluchten uit te kunnen voeren werd een Vickers Viking gehuurd van Airwork Services. Dit werd de V.634 Viking G-AKTU welke sinds oktober 1959 in opslag stond op Hurn. Na enkele testvluchten werd het toestel op 28 juni 1960 afgeleverd op Southend. Hoewel de Vickers Viking tien passagiers minder kon vervoeren dan de Bristol Freighter, was dit toestel meer geliefd bij de IT passagiers door zijn comfort, minder geluid en hogere snelheid. Het toestel werd dan ook op 4 juli op de dienst naar Oostende in gebruik genomen en zowel de Bristol Freighter als de Vickers Viking werden op deze dienst ingezet welke tot 9 september van dat jaar zou doorlopen. Naast deze vluchten werd de Viking ingezet op charterwerk met bestemmingen als Bazel, Biarritz, Keulen, Lyon, Perpignan en Tarbes.
Inmiddels was de Bristol Freighter G-AGPV weer gerepareerd en werd na een testvlucht van 2 uur op 29 juli vanaf Hurn afgeleverd op Southend. De van North South gehuurde Bristol Freighter G-AHJD keerde enkele dagen daarvoor, op 24 juli, terug naar zijn verhuurder. Niet alle vluchten met de Vickers Viking verliepen voorspoedig. Het toestel had last van motorproblemen waarbij een enkele maal in augustus en september 1960 uitgeweken moest worden naar Hurn voor onderhoud. Ook de Bristol Freighter kreeg te maken met motorproblemen. Op 23 september 1960 was de Bristol Freighter G-AGPV op weg op een ferryvlucht naar Birmingham waarbij een van de Hercules motoren ter hoogte van Stansted staakte. Een noodlanding op Stansted volgde waarbij dit gelijk de laatste vlucht voor de Bristol Freighter voor Air Condor was. Het toestel werd verkocht, wel gerepareerd en vertrok daarbij op 2 november naar Trans European Aviation.
Het vliegseizoen liep ten einde en overwogen werd de gehuurde Vickers Viking G-AKTU te vervangen door een groter toestel. Met Keegan Aviation werd contact opgenomen voor het huren van de Douglas C-54 Skymaster G-APID. Deze Skymaster stond op Rotterdam na het faillissement van Continental Air Transport. Begin november 1960 werd het toestel overgevlogen naar Field Aircraft Services op London-Heathrow waar de Continental opschriften werden verwijderd en de Air Condor opschriften werden aangebracht. Echter voordat het toestel bij Air Condor in gebruik werd genomen, raakte Air Condor in november 1960 in financiele problemen. Op 19 november 1960 maakte de Vickers Viking G-AKTU zijn laatste Air Condor vlucht, Schiphol- Gatwick-Southend, waarna op 4 december 1960 het faillissement werd uitgesproken.


Vickers V.634 Viking G-AKTU van Air Condor wachtend op passagiers op Rotterdam                                        (Nico Terlouw, Zestienhoven, 1960)

Air Condor op Rotterdam

Net als zoveel op Southend gebaseerde bedrijven werd veel gevlogen tussen Southend en Rotterdam. Zoals eerder vermeld werd direct na aflevering van het eerste toestel, de B-170 Freighter G-AGPV, op 21 maart 1960 gestart met een aantal vluchten met groenten en bloemen tussen Rotterdam en Southend, vaak werd hierbij 2x per dag gevlogen. Daarnaast werden vanaf Southend meubels vervoerd, twee vluchten op 5 april, met op de terugweg textiel en een lading kreeft op 12 april met op de terugweg bloemen. De bloemen waren daarbij bestemd voor de winkels in London. Naast Southend werd ook vanaf Rotterdam naar andere plaatsen gevlogen zoals op 14 april een dagretour naar Hurn en op 19 april een charter naar Birmingham. Op 21 april zagen we het toestel weer met groenten naar Southend en een dag later, 22 april, werd beschreven bij het ongeval op Southend.
Op 27 april werd de nieuwe aan Air Condor geleverde Bristol Freighter G-AHJD direct ingezet met vracht naar Rotterdam en de daarop volgende weken zou deze Bristol Freighter vele vluchten maken tussen Southend en Rotterdam waarbij veel groenten werden gevlogen. Op 6 mei werden 37 passagiers vanaf Kopenhagen, via Rotterdam, naar Southend vervoerd, op 8 mei kwam het toestel aan vanuit Birmingham om een dag later drie retourvluchten naar Southend te maken.
Vickers Viking G-AKTU was voor het eerst op Rotterdam te zien op 5 juli 1960 met een vlucht vanaf Rotterdam naar Liverpool. De gerepareerde Bristol Freighter G-AGPV was weer te gast op 31 juli met 15 passagiers vanaf Southend, waarna het toestel leeg naar Schiphol vloog om daar een nieuwe groep op te halen. Deze Bristol Freighter zou daarna Rotterdam nog enige keren bezoeken. Na het vertrek van de Bristol Freighter bij Air Condor bracht het enige overgebleven toestel van de Air condor vloot, Vickers Viking G-AKTU, nog enkele bezoeken aan Rotterdam, op 29 september met een charter vanaf Southend gevolgd door vluchten op 14 en 18 oktober.
De laatste keer dat Air Condor op Zestienhoven te zien was, was eind november 1960. De Douglas DC-4 Skymaster G-APID werd vanaf London-Heathrow, voorzien van Air Condor opschriften, naar Zestienhoven gevlogen en daar enkele weken geparkeerd voordat Keegan Aviation een nieuwe gebruiker had gevonden.
G-APID DC-4 Skymaster met Air Condor opschriften op Zestienhoven.                         (archief Wim Zwakhals, Rotterdam, november 1960)

Air Condor vlootlijst

bronnen: Airnieuws archieven, Propliner
Wim Zwakhals, januari 2020