Air Spain

Ieder land heeft wel een luchtvaartmaatschappij die de naam van het land draagt. Zo ook Spanje waar in 1966 Air Spain werd opgericht. Tot een van de eerste zomerbestemmingen van de nieuw opgerichte maatschappij behoorde ook Rotterdam-Zestienhoven.
Het eerste toestel van Air Spain was Bristol B-175 Britannia EC-BFJ.                                                          (Nico Terlouw, Rotterdam, 1967)   
In het begin van de jaren zestig van vorige eeuw waren er in Europa veel nieuwe maatschappijen die vooral met Amerikaans geld (en daarmee met amerikaans materieel) insprongen op de steeds grotere vraag naar toeristische reizen richting zon. Zo ook in Spanje waar maatschappijen als Aviaco, TASSA, Spantax en Trans Europa met een vloot van DC-3's, DC-4's, DC-6'en en DC-7's de toeristen vanuit alle hoeken van Europa naar Spanje vervoerden. In 1966 diende zich een nieuwe gegadigde aan en wel Air Spain. De maatschappij werd op 29 januari 1965 opgericht door Jose Rivero de Aguilar welk, in tegenstelling tot vele andere collega's, opgestart werd met Spaans geld. De nieuwe maatschappij koos niet voor de zessen en zevens die op dat moment volop op de (tweedehands) markt verkrijgbaar waren, maar voor de Bristol B-175 Britannia. De keus viel op twee machines van British Eagle. De Britannia was de eerste turboprop in een dienst bij een Spaanse maatschappij en was uitermate geschikt voor de markt die Air Spain voor ogen had. De B-175 Britannia kon namelijk met volledige belading (144 passagiers), zonder tussenstop, vanaf alle Europese luchthavens, tot aan Helsinki toe, non-stop naar de Spaanse vakantieplaatsen, tot aan de Canarische Eilanden toe, ingezet worden.

British Eagle zorgde niet alleen voor de vliegtuigen, maar ook voor de opleiding van vliegers en het cabinepersoneel en startte in de zomer van 1966 met de voorbereidingen voor de aflevering van twee Britannia's, de G-AOVR (c/n 13429) en G-AOVE (c/n 13236). Op 20 oktober 1966 rolde de eerste machine, de ex G-AOVR, op London-Heathrow in zijn nieuwe kleuren voorzien van de testregistratie EC-WFJ uit de hangaar. De kleuren bestonden uit een witte bovenkant van de romp met daarop een blauwe lijn over de romp, rode Air Spain opschriften met een gele lijn rondom de blauwe band op het voorste deel van de romp.. De witte staart werd naast een kleine maatschappijnaam voorzien van de band van de Spaanse vlag. Een dag later werd deze Britannia al vanaf Heathrow naar Spanje overgevlogen, twee maanden later gevolgd door een tweede exemplaar, de EC-WFK (ex G-AOVE) op 29 december 1966. Na aankomst in Spanje ontvingen beide Britannia's respectievelijk de registraties EC-BFJ en EC-BFK. Hoewel het hoofdkwartier van Air Spain gevestigd was in Madrid, werden alle operaties geleid vanaf Palma en was dit ook het veld waar de Britannia's in de winter 1966/1967 volop gebruikt werden voor crew-training en gereed maken voor het nieuwe zomerseizoen. In de winter van 1966/67 werden een groot aantal contracten getekend, het aantal dat zelfs zo hoog lag dat zelfs een derde toestel moest worden aangeschaft. Deze derde B-175 Britannia was afkomstig van El Al (4X-AGB c/n 13433) en werd na overhaul op Heathrow op 4 mei 1967 als EC-BFL in de nieuwe kleuren van Air Spain afgeleverd.
Het IT seizoen begon voor Air Spain in maart 1967. Er waren contracten gesloten voor vluchten vanaf Gatwick en Birminham naar Palma, Ibiza en Barcelona. Naast deze Britse bestemmingen werd er ook gevlogen vanaf verschillende andere luchthavens in Europa zoals Dusseldorf, Helsinki, Bazel, Geneve en Rotterdam. Na een vol zomerseizoen welke eindigde in oktober, werd nieuw werk gezocht voor de stillere wintertijd en dat werd gevonden in het vervoer van o.a tomaten van de Canarische Eilanden naar Duitsland en Engeland. Per vlucht kon de Britannia daarbij 17 ton vracht vervoeren.   
In het tweede seizoen (1968) werden twee Britannia's volledig ingezet op het toeristenvervoer van en naar Palma, Gerona en Barcelona naar Europese bestemmingen zoals London-Gatwick, Dusseldorf, Bazel, Geneve, Brussel en Helsinki. Met de derde Britannia werd gestart met lange afstandsvluchten zoals vluchten vanaf Bazel naar Havana en vanaf Gatwick naar bestemmingen in Afrika. Eveneens werd er in de winter weer vracht gevlogen (groenten en fruit) en konden de zomervluchten in 1969 gecontinueerd worden.
Een verder uitbreiding van de vloot vond plaats in december 1969 met de aanschaf van een vierde Bristol B-175 Britannia, een vrachtversie afkomstig van British Eagle (G-AOVM c/n 13421 ), welke als EC-BSY werd ingeschreven. Het faillisement van British Eagle betekende voor Air Spain dat voor het seizoen 1970 een aantal zomercharters van deze maatschappij werden overgenomen. Hert zomerseizoen van 1970 liep zo goed voor Air Spain dat zelfs naar grotere vliegtuigen werd uitgekeken.


EC-BZQ DC-8-21 in de nieuwe kleuren van Air Spain                                                                (Wim Zwakhals, London-Gatwick, 30 juli 1972)
De benodigde vlootuitbreiding werd gevonden in de aanschaf van tweedehands DC-8-21's van Eastern Airlines. Eastern Airlines was begonnen met haar DC-8 series 21 met bouwjaar 1960 te vervangen door nieuwe DC-8 60-series.  De eerste machine werd in januari 1971 als EC-BXR (c/n 45422 ex N8601) in gebruik genomen.Met de introductie van de DC-8 bij Air Spain werd tegelijkertijd een nieuw kleurenschema geintroduceerd, namelijk een rood en geel kleurenschema, geinspireerd op de kleuren van de Spaanse vlag. Alleen de nieuwe achten zouden van dit kleurenschema voorzien worden. Met deze eerste DC-8 werden de vakantievluchten verder uitgebreid met bestemmingen als Zurich - Palma en Frankfurt - Palma. Daarnaast werden de vluchten op bestaande bestemmingen uitgebreid waarbij de DC-8 ook veel op Gatwick te zien was. Deze acht was de eerste van zes exemplaren welke van Eastern Airlines overgenomen zouden worden. Nog aan het eind van 1971 werd op 1 december 1971 het tweede exemplaar afgeleverd en ingeschreven als de EC-BZQ (c/n 45426 ex N8605). Met de aflevering van de EC-CAD (c/n 45423 ex N8602) op 11 april 1972 en de EC-CAM (c/n 45427 ex N8606) op 7 juni 1967 was het aantal op vier DC-8-21's gebracht.
Inmiddels was eind 1971 de vracht B-175 Britannia EC-BSY uit dienst genomen en verkocht aan de RAF/ A&AEE Boscombe Down als de XX367.  Voor een complete vrachtkist bleek, voor Air Spain, geen voldoende aanbod te zijn.  Met de komst van de nieuwe DC-8'en werden de Britannia's EC-BFK en EC-BFL in juni 1972 op Palma buiten gebruik gesteld. De laatste overgebleven B-175 Britannia EC-BFJ bleef als back-up toestel beschikbaar. Hoewel de twee Britannia's te koop werden aangeboden, werd geen directe nieuwe gebruiker gevonden. Het aantal Britannia's in passagiers uitvoering was sterk terug gelopen door de beschikbaarheid van de vele jets op de tweedehands markt en alleen een aantal vrachtmaatschappijen gebruikten op dat moment nog dit type. Na meer dan een jaar in opslag op Palma gestaan te hebben werden beide kisten dan ook verkocht aan vrachtvervoerder IAS (International Aviation Services) die de beide machines in 1974 op Palma sloopte voor de benodigde onderdelen. Met de levering van de DC-8'en EC-CDA (c/n 45429 ex N8608) op 11 april 1973 en de EC-CDB (c/n 45414 ex N8503) op 19 mei 1973 was de DC-8 vloot compleet en werd ook de laatste Bristol B-175 Britannia na zes jaar dienst buiten gebruik gesteld en vrijwel direct eveneens verkocht aan IAS. Deze Britannia werd een maand later overgevlogen naar Biggin Hill waar het toestel eveneens werd gesloopt voor onderdelen.     

De concurrentie op de chartermarkt was in het begin van de jaren zeventig moordend en ook Air Spain moest al snel de tol betalen. Gezien de overcapaciteit werd al snel, in maart 1974, de DC-8 EC-BZQ op Miami te koop aangeboden en diezelfde maand nog verkocht aan Aerovias Quisqueyana als de N8605.
Echter 1974 werd een rampjaar voor Air Spain. De lage stoelprijs door de concurrentie in de markt en de stijgende kosten voor het onderhoud van de eerste series DC-8'en. zorgden voor grote verliezen. Deze verliezen liepen zo snel op dat Air Spain op 30 januari 1975 uitstel van betaling moest aanvragen en kort daarop, in midden februari 1975, de activiteiten moest staken. Hoewel er direct gesprekken werden gestart over de overname van de maatschappij door Aviaco bleef het bij gesprekken. Oorzaak: de torenhoge schuldenlast van Air Spain. Deze bedroegen namelijk 1000 miljoen Pesatas ($ 15 miljoen). Zo werd Air Spain in het voorjaar van 1975 failliet verklaard, de DC-8 vloot stond daarbij vanaf half februari op Palma aan de grond. Eastern Airlines als grootste schuldeiser van de nog niet volledig afbetaalde vloot, werd uiteindelijk weer eigenaar van de toestellen. Hoewel de toestellen in het voorjaar van 1976 nog wel naar de Verenigde Staten werden overgevlogen, vond slechts een enkele machine een nieuwe werkgever. De meeste DC-8'en werden al snel op Marana gesloopt.


Air Spain op Rotterdam

Zoals al vermeld behoorde Zestienhoven tot de eerste bestemmingen die in het vakantieprogramma van 1967 werden opgenomen. Op zaterdag 22 april verscheen Air Spain met de Britannia voor het eerst toen de EC-BFK om 13.36 uur vanuit London neerstreek om een charter uit te voeren naar Reus. De wekelijkse vlucht naar Palma werd gestart op zondagmiddag 7 mei waarbij de B-175 Britannia EC-BFK om 12.34 voor het eerst vanaf Palma neerstreek om daarna om 14.34 uur weer te vertrekken. Een week later was het de EC-BFJ die werd ingezet en zo werd het programma uitgevoerd waarbij Air Spain op zondag tussen 14.30 uur en 16.30 uur op Rotterdam te zien was. Gevlogen werd daarbij onder "JA" vluchtnummer.  Een uitzonderring was zondag 28 mei waarbij, door geen beschikbaarheid van een Britannia, de Trans Europa DC-7C EC-BBH werd ingezet. Op 31 juli 1967 op de zondagmiddag kwam de B-175 EC-BFJ nog wel uit Palma aan maar raakte op Rotterdam defect waarbij de passagiers pas 's nacht door een ingehuurde Britannia van Caledonian Airways, G-ASTF, naar hun bestemming werden gevlogen. Schijnbaar raakte dit tot een conflict tussen het reisbureau en Air Spain want Air Spain was alleen en week later, op 6 augustus 1967, met de Britannia EC-BFL nog te zien. Daarna werd deze wekelijkse vlucht overgenomen door de KLM welke daarbij de L-188 Electra inzette. Hierbij kwam de Electra kort voor middernacht in de nacht van zaterdag op zondag aan, om tussen zes en zeven 's morgens weer richting Palma te vertrekken.
Naast Palma werd dat jaar door Air Spain een tweede bestemming gevlogen. Op vrijdag 26 mei 1967 kwam de B-175 EC-BFL om 15.35 uur aan vanuit Barcelona om daar om 16.49 uur weer naar te vertrekken. Deze wekelijkse vlucht werd op 7 juni omgezet van Barcelona naar Gerona. Dit programma duurde tot vrijdag 22 september waarbij de vluchten op 8 en 22 september weer werden uitgevoerd door een L-188 Electra van de KLM. Zodoende waren in 1967 de EC-BFJ 10x, EC-BFK 8x en EC-BFL 13x op Rotterdam te zien.           
Een jaar later was Air Spain niet meer van de partij en werd de wekelijkse Palma vlucht uitgevoerd door de CV-990's van Spantax. Dat jaar, 1968, zou Air Spain nog maar een enkele keer op Rotterdam te zien zijn en wel op 24 december 1968 met een kerstretourtje naar Palma. De EC-BFJ kwam daarbij om 13.50 uur aan en vertrok om 16.48 uur voor de terugvlucht.
Air Spain zou ook in de volgende jaren niet meer ingezet worden op een compleet vakantieprogramma vanaf Rotterdam en derhalve alleen met charters op Zestienhoven aanwezig zijn. In 1969 was het B-175 Britannia EC-BFL die op 15 januari om 10.47 uur vanuit Gatwick neerstreek om om 16.00 uur te vertrekken naar Malta. Dezelfde EC-BFL was dat jaar nog een tweede keer te zien en wel op 15 april 1969 toen de Britannia om 04.16 uur vanuit Manston neerstreek en om 14.31 uur met een groep vakantiegangers vertrok naar Palma. Twee dagen later streek de EC-BFJ om negen uur 's morgens neer vanuit Liverpool om pas in de loop van de volgende ochtend te vertrekken naar Lissabon. Op 9 juni maakte deze kist nog een retourtje Palma en was de 26ste van de maand nog aanwezig komende van Manston en vertrekkend naar Palma,
1970 was het jaar waarbij Air Spain het laatst op Rotterdam te zien was. B-175 Britannia EC-BFJ kwam dat jaar 2x langs en wel op 30 april toen het toestel om 11.18 uur neerstreek uit Palma om om 12.37 uur weer te vertrrekken nrichting Barcelona en voor het laatst op 24 juli toen een retourtje Barcelona werd uitgevoerd.
De DC-8'en zijn nooit langs geweest zodat we het met de Britannia herinneringen moeten doen.

  
Bristol B-175 Britannia  EC-BFK was alleen in het zomerseizoen van 1967 op Rotterdam te zien. Hier zien we het toestel na aankomst vanuit Palma.                                                                                                                                                              (David Booster, Rotterdam, 1967)
 

Air Spain vlootlijst
EC-CAD Douglas DC-8-21  Air Spain                                                                                             (Wim Zwakhals, Frankfurt, 8 juli 1972)
Bronnen: Airnieuws archieven, Propliner, Aviation Letter
Wim Zwakhals, juli 2013