Wassmer Aviation

En regelmatige verschijning op de luchthaven was de Wassmer Wa-40 PH-PUT, een fraai frans ontwerp. Hierbij wat meer informatie betreffende de fabrikant en zijn geleverde producten.
PH-PUT Wassmer Wa-40 Super IV behoorde met c/n 47 tot de eerste serie geproduceerde Wassmer sportvliegtuigen en werd al in juli 1962 ingeschreven in het Nederlands luchtvaartregister.                                                                                 (David Booster, Rotterdam, 1974)
Wassmer Aviation gevestigd op Issoire, jarenlang niet meer dan een grasveld ten zuiden van Clermont-Ferrand, behoort tot de oudste franse bouwers in de luchtvaartindustrie. Benjamin Wassmer richtte al in1905 de Societe Wassmer op, destijds al gespecialiseerd in houtbewerking. Eind jaren vijftig bestonden de werkzaamheden voornamelijk uit de bouw van goedkope en betrouwbare Jodel modellen als de 65 pk sterke Jodel D-112 en de door 90 pk voortgedreven Rolls Royce /Continental D-140 Paris-Nice. Tussen 1950 en 1964 werden er niet minder dan 400 stuks van gebouwd. Daarnaast werden er veel zweefvliegtuigen gebouwd als de eenpersoons Wa-20 en de tweepersoons Wa-30. Met recht specialisten in hout en met doek beklede stalen frames. 
Eind jaren vijftig werd gestart met een modern sportvliegtuig, het ontwerp van de Wassmer Wa-40 Super IV, een laagdekker, een vierzitter met een stalen beklede frame en houten vleugels, een intrekbaar landingsgestel en voor die tijd nieuw ontwerp een schuifbare cockpitkap. Het toestel werd voorzien van een 180 pk Lycoming 0-360 luchtgekoelde vier cilinder motor. Het eerste prototype voorzien van de registratie F-BIXX, maakte op 8 juni 1959 zijn eerste vlucht en na het verkrijgen van het franse luchtvaart certificaat op 9 juni 1960 werd dit vliegtuigtype in productie genomen. De Wa-40 kon geleverd worden in drie modellen, de "Directeur", het basis model, de "Commandant du Bord de Luxe" en het "President" model met een volledige IFR uitrusting. In totaal zouden 52 stuks geproduceerd worden.   
Vanaf 1963 was een model met een schuin oplopend staartvlak en een langere neus leverbaar. Deze versie werd aangeduid als de Wassmer Wa-40A Sancy waarbij de eerste vlucht gemaakt werd in januari 1963 en waarbij het certificaat in maart 1963 ontvangen werd. 57 Wa-40A's zouden uiteindelijk de fabriek verlaten


G-ATSY Wa-41 Baladou gebouwd in 1966, hierbij is duidelijk de gewijzigde staart en de langere neus ten opzichte van de Wa.40 te zien.                                                                                                                                                       (MAP, augustus 1988, Woolsington) 

De volgende versie die geintroduceerd werd was, de Wassmer Wa-41, welk een eenvoudiger versie was van de Wa-40A voorzien van een vast landingsgestel. Hiermee kon de Wassmer tegen een zo laag mogelijke prijs aangeboden worden. dit type ontving de aanduiding Wa-41 Baladou. Het eerste model met de registratie F-BOBZ maakte daarbij in maart 1966 zijn eerste vlucht. Daar de Baladou was afgeleid van de Wa-40 Super IV staat de Wa-41 ook wel ingeschreven in verschillende registers als de Wa-41 Super Baladou IV (zoals de G-ATSY). 58 stuks zouden er van deze versie gebouwd worden.

Het laatste model uit deze serie was de Wa-4/21 Prestige (meer bekend onder de aanduiding WA-41-250) uit 1967. De vraag naar een luxere uitvoering met vooral een sterkere motor was groot en daarom werd dit model voorzien van een 235 pk sterke Lycoming 0-540, voorzien van een McCauley variable pitch propeller, autopilot, IFR instrumenten en electrisch bediende flaps en was daarbij voorzien van een gestroomlijnde cockpitkap. Dertig exemplaren verlieten van deze versie de fabriek. 

F-WNZZ Prototype van de Wassmer Wa-50                                                                                                  (Nico Terlouw, Frankrijk, 1967)
Naast metaal richtte de Societe Wassmer zich ook op een glasfiber romp. Aangeduid als de Wassmer Wa.50 was dit een vierzitter met een intrekbaar landingsgestel voorzien van een 150 pk sterke Lycoming 0/320/E motor. op 18 maart 1966 maakte het eerste prototype met de registyratie F-WNZZ zijn eerste vlucht. het was een van de eerste geheel uit composiet opgebouwde vliegtuigen en daarna ging het proces van uittesten en certificering in gang en het duurde daarbij tot 1969 voordat dit model ook daadwerkelijk in productie werd genomen, want pas in mei 1969 maakte het eerste productie toestel, de F-BPTT, zijn eerste vlucht. De serie modellen waren voorzien van een 155 pk sterke Lycoming 0-320 motor en deze productieversie werd aangeduid als de Wassmer Wa-51 Pacific. Van de Wa-51 Pacific werden uiteindelijk 39 stuks gebouwd. De versie voorzien van een sterkere 160 pk Lycoming IO-320 werd aangeduid als de Wa-52 Europa en hiervan werden 50 stuks afgeleverd. Een lichtere versie voorzien van een 125 pk Lycoming motor stond op de ontwerptafel aangeduid als de Wa-53, maar werd nooit in productie genomen. Wel werd dit ontwerp voorzien van eem 180 pk sterke Lycoming 0/360/A1LD motor welke werd aangeduid als de Wassmer wa-54 Atlantic. Hiervan werden 55 exemplaren afgeleverd.
F-GAIQ Wassmer Wa/81 Piranha is een kleinere, drie zits uitvoering van de Wa-50 op bezoek bij de RSA op Brienne-le-Chateau.                                                                                                                                  (Wim Zwakhals, Brienne, 3 augustus 1980)  
Na een studie van een model met een T-staart aangeduid als de Wassmer Wa-70, werden de ervaringen opgedaan met kunststof verder uitgewerkt in het ontwerp van de Wassmer Wa-80 Piranha. De ontwerpers zochten hierbij de uiterste balans op tussen de mogelijkheden van de sterkte van composiet en het hierbij de installeren vermogen. Het ontwerp van de Wa-80 werd daarbij een kleinere versie van de Wa-50, een tweezitter voorzien van een 100 pk Rolls-Royce Continental 0-200A motor en maakte in november 1975 als de F-WVKR zijn eerste vlucht. Van de tweezits Wa-80 Piranha werden maar zes stuks gebouwd, al snel werd een extra stoel ingebouwd en deze drie-zitter werd aangeduid als de Wassmer Wa-81 Piranha. op dat moment was de markt voor composiet vliegtuigen in Duitsland veel groter dan in Frankrijk waardoor een groot aantal bestellingen door Duitse opdrachtgevers werden geplaatst. het type blijft echter zeldzaam want ook van de Wa-81 werd slechts in een klein aantal geproduceerd, niet meer dan 18 exemplaren verlieten de productiehal.
456-LM was een van de Cerva SE-43 Guepard´s geleverd aan de Franse Luchtmacht                     (Wim Zwakhals, Brienne, 28 juli 1984)  
In 1971 werd een geheel metalen uitvoering van de Wa-4/21 Prestige gebouwd welke op 18 mei 1971 als de F-WSNU zijn eerste vlucht maakte. Het toestel had een iets gewijzigde staart ten opzichte van zijn voorganger maar werd voorzien van dezelfde motor, een 250 pk Lycoming IO-540. Dit geheel metalen toestel werd door Wassmer samen met Siren SA ontworpen en voor de bouw werd een nieuwe maatschappij opgericht onder de naam Consortium Europeen de Realisation et de Vantes d´Avions, kortweg CERVA en ontving de aanduiding CERVA CE-43 Guepard. Voor de CE-43 werd al snel een bestelling ontvangen voor 18 stuks van de Franse Luchtmacht en in eind 1976 waren 43 toestellen afgeleverd. Een verdere ontwikkeling was de CERVA CE-44 Couga, een zespersoons versie voorzien van een 285 pk Continental 285CV motor. Het prototype F-WXCE maakte in mei 1975 daarbij zijn eerste vlucht, maar werd niet in productie genomen. Op de tekentafel werd gewerkt aan de verder uitwerking van de CE-43 in de CE-45 Leopard.
In 1977 raakte Wassmer in financiele moeilijkheden en werd in september 1977 failliet verklaard. Met de val van Wassmer werd ook direct CERVA betrokken waarbij alle activiteiten gestaakt werden. op 1 februari 1978 werd een nieuw firma opgericht, Issoire Aviation, welke onder de leiding van Siren, de productie van de Wassmer modellen zou hervatten, echter een daadwerkelijke productie werd niet gestart. Issoire Aviation zou zich toeleggen op de bouw van zweefvliegtuigen en de ondersteuning van Wassmer en Cerva vliegtuigen.
F-WXCE is het prototype van de zes persoons uitvoering aangeduid als de Cerva CE-44 Cougar      (Wim Zwakhals, St.Cyr, 20 juli 1976) 

 

Technische gegevens van de verschillende geproduceerde types

  Wa-40 Wa-80 CE-43
spanwijdte 10.00 m 9.39 m 10.00 m
lengte 8.09 m 7.49 m 7.85 m
hoogte 2.86 m 2.10 m 2.90 m
vleugel oppervlak 16.0 m2 12.4 m2 16.00 m2
type motor Lycoming 0-360-A1A Continental 0-200A Lycoming IO-540-C4B5
leeg gewicht 740 kg 503 kg 890 kg
max t/o gewicht 1200 kg 809 kg 1400 kg
kruissnelheid 225 km/u 173 km/u 300 km/u
range plafond 1700 km/ 5000 m  2900 km/ 5300 m
aantal personen 4 3 4

 

Wellicht de enige opname  van de Wassmer Wa-40 Super IV PH-TAK die gemaakt is.                                         (collectie Henk Wadman)


Wassmer in Nederlandse register

Twee Wassmer werden er in Nederland ingeschreven. De PH-PUT was daarbij de eerste. Dit was een Wassmer Wa-40 Super IV met c/n 47 welk op 26 juli 1962 werd ingeschreven op naam van J.Tak uit Arnhem. Op 12 december 1978 werd het toestellen uitgeschreven waarbij het verkocht werd in Belgie als de OO-PLR. Op 6 november 1972 werd een tweede Wassmer Wa-40A Super IV ingeschreven als de PH-TAK, dit was c/n 78 ex SE-CWI. Dit toestel werd eveneens ingeschreven op naam van J.Tak. echter de inschrijving was van korte duur. Al na twee dagen werd de inschrijving doorgehaald waarbij het toestel vertrok naar Duitsland als de D-EEPB.

 bronnen  Flight International, Airlife´s General Aviation, Nederlands Luchtvaart Register, Herman Dekker.

Wim Zwakhals, augustus 2013